Mette Stoelhorst
Winnaar Publieksprijs 2026
Het verschil tussen de waardering in woorden en de behandeling in de praktijk ondermijnt het zelfbeeld van Social Workers. Onderzoeken laten zien dat mensen best positief denken over Social Workers, maar op straat of in de praktijk krijgen zij vaak te maken met wantrouwen of kritiek. Dat verschil zorgt voor een groeiend stukje zelfstigma onder Social Workers.
Een Red Flag, kinderen uit huis halen, puzzelen, softies en vooral veel koffiedrinken — dát is Social Work. Toch? Tenminste, dat is het beeld dat op TikTok rondgaat en de reactie die je vaak krijgt als je in het café enthousiast vertelt over je opleiding of stageplek.
Na drie weken vakantie stap ik weer binnen bij de dagbesteding, vol enthousiasme, maar ook een beetje zenuwachtig. Hoe zullen de cliënten reageren nu ze me een tijdje niet hebben gezien? Het antwoord laat niet lang op zich wachten. Terwijl ik mijn fietssleutel wegstop en mijn oortjes uitdoe, hoor ik plots mijn naam over het terrein. Als ik opkijk, zie ik een cliënt met een glimlach van oor tot oor op me afrennen. ‘Ik heb je gemist!’ roept hij, terwijl hij me een stevige knuffel geeft. Lachend zeg ik dat ik hem ook gemist heb. Wanneer ik verder naar binnen loop, word ik opnieuw warm verwelkomd. Cliënt na cliënt begroet me met dezelfde oprechte reactie. Ik voel voldoening.
Ja, er wordt gepuzzeld, veel koffiegedronken en misschien ben ik ook wel een enorme softie, maar laten we wanneer we het hebben over het sociaal werk niet vergeten waar het écht om draait. Achter elk cliché over de softie die alleen maar koffiedrinkt en puzzelt zit een werkelijkheid die heel anders is dan de meeste mensen ooit zullen zien, maar die wij als professionals dagelijks zien.
Onlife mét een blokje kaas
Ongenuanceerd en spottend is het imago dat het sociaal werk krijgt door sociale media en dat in een tijd waarin zowel mensen als beroepen zichzelf moeten presenteren. TikTok filmpjes van nog geen minuut gaan viraal waarin Social Workers worden neergezet als “softies die alleen maar puzzelen” of “Red Flags die hele dagen bezig zijn met kinderen uit huis halen” terwijl de moeilijkheden en impact van ons werk niet zichtbaar zijn. Volgens het Trimbos Instituut hebben sociale media invloed op het zelfbeeld en de identiteitsontwikkeling van de Social Workers, zowel positief als negatief, maar helaas met name negatief (Trimbos-instituut, z.d.).
Wanneer Social Workers veel negatieve artikelen zien binnen de sociale media kan dat zorgen voor een negatief zelfbeeld en een negatieve identiteitsontwikkeling. Het haalt onzekerheden en twijfels naar boven. Het beeld dat online te zien is, wordt vaak overgenomen in gesprekken in het dagelijks leven, wat maakt dat Social Workers zich ook buiten het werk om moeten verantwoorden. Zelfs met een blokje kaas op de kringverjaardag van je schoonmoeder, waar je sowieso alleen maar probeert te overleven. Daarnaast zitten we tegenwoordig in een “onlife” wereld: Een combinatie van een fysieke en digitale wereld. Dit produceert onder andere sociale krachten die steeds meer invloed hebben op ons zelfbeeld en ons socialisatieproces. Social Workers hebben dus de taak om naast hun werk ook te zorgen voor een verdediging van hun professionele identiteit binnen een wereld van sociale media, die zeker niet altijd even respectvol is (Sieckelinck, 2025). Wij als maatschappij cijferen de noodzaak van het sociaal werk weg, zonder te beseffen dat de cliënt hiervan de dupe wordt. Het is onrealistisch om van Social Workers empathisch vermogen, het aangaan van vertrouwensrelaties en het dragen van verantwoordelijkheden te vragen, als de maatschappij tegelijkertijd bijdraagt aan het zelfstigma en de negatieve identiteitsontwikkeling onder Social Workers. Deze identiteitsontwikkeling is nu eenmaal onlosmakelijk verbonden met het welzijn van de cliënt.
Soep uitdelen als kernwaarde:
Het enige feitelijke aan het sociaal werk is dat het niet feitelijk is. Het speelt zich af in de normatieve wereld, waarin normen en waarden, mensenrechten en verschil in situaties leidend zijn. Het is inderdaad heel ander werk als dat van een bouwvakker en een econoom, waarvan het werk veel meer in de objectieve wereld plaatsvindt. Maar betekent het werken en handelen binnen de normatieve wereld dat het nergens op gebaseerd is? Dat we zomaar wat doen? Nee zeker niet. Betekent dat, dat mensen die niet in de wereld van het sociaal werk zitten de onderliggende gedachte achter soep uitdelen op straat niet altijd meteen zien? Ja, waarschijnlijk wel.
Het sociaal werk wordt dan ook niet voor niets een normatieve professie genoemd, dat gericht is op het realiseren van normen en waarden. Social Workers werken volgens een beroepscode, die een ethische leidraad is voor iedere professional binnen het sociaal werk. Deze geeft ethische uitgangspunten voor professioneel en doordacht handelen. Hierbinnen gelden dezelfde kernwaarden en beroepsnormen die een richtinggevend kader zijn voor het professioneel handelen. We werken vanuit een maatschappelijke opdracht die gebonden is aan professionele standaarden. Als Social Workers mag je niet “zomaar wat doen” en is het werk dat we doen daadwerkelijk ergens op gebaseerd. Het handelen is gebonden aan kaders, zowel wettelijke vakinhoudelijke kaders als beroepsethische kaders. Dus ja, dat kopje soep dat je op straat aangeboden krijgt van een Social Worker is gebaseerd op kernwaarden en onze maatschappelijke opdracht. Niet op een spontane drang van liefdadigheid, omdat we toevallig een pan met soep over hadden bij de lunch (BPSW, 2021).De professionals voeren hun opdracht en werkzaamheden uit op de manier die past bij de kennis, competenties en methoden die horen bij hun beroepsgroep. (Movisie, 2024)
Het sociaal werk mag op zichzelf dan in de normatieve wereld zitten, toch is theorie en wetenschappelijke kennis ook in dit werkveld onmisbaar. Wetenschappelijke theorieën zijn zowel belangrijk als communicatiemiddel tussen collega’s, als legitimatie tegenover collega’s en dienen tot slot als leidraad hoe te handelen in bepaalde situaties. Elke Social Worker heeft zijn eigen opvatting over sociale normen en waarden. Het is belangrijk te kunnen verantwoorden welke keuzes je hebt gemaakt en waarom. Het sociaal werk mag op zichzelf dan een normatieve beroepsgroep zijn, maar het gezegde dat wij “zomaar wat doen” is een complete misvatting. (Roose & Trappenburg, 2024)
Mag ik van Social Work, “de softie”? Kwartet!
Toch zit me iets nog niet helemaal lekker. Zelfs met een beroepscode, methodieken en theoretische onderbouwingen, lijkt het erop dat het sociaal werk niet dezelfde waardering krijgt als andere beroepsgroepen. Laten we eerlijk zijn, wie op zoek is naar status kan beter iets verder kijken dan het sociaal werk. Ik kan me niet voorstellen dat een arts of een advocaat zich op een zaterdagavond in de kroeg moet verantwoorden voor zijn/haar vak. Hoe komt het dat Social Workers zich moeten verantwoorden over het kopje soep dat ze uitdelen en advocaten niet over de toga die ze dragen?
Het begint met een stukje zichtbaarheid. Social Workers werken onder heel veel verschillende functies, met functienamen, die lang niet voor iedereen bekend en herkenbaar zijn. Ze zijn werkzaam in ontzettend veel verschillende werkvelden. Wanneer je zeshonderd Social Workers naar hun functienaam vraagt, krijg je zo’n driehonderd verschillende antwoorden (Bruins, 2024). Toch blijkt een duidelijke functienaam belangrijk voor Social Workers. Dit helpt hen om aan hun cliënten te laten zien wat hun werk en beroep inhoudt, onderbouwt hun deskundigheid en ondersteunt hun positie in de samenwerking met andere professionals en gemeenten (Movisie, 2025). Daarnaast is het sociaal werk geen beschermd beroep. Volgens experts krijgt het beroep een weinigzeggende betekenis, als de definitie van sociaal werk verder wordt opgerekt (Movisie, 2023).
Deze onzichtbaarheid, onduidelijke afbakening van de beroepsgroep en de honderden functienamen kunnen een verklaring zijn voor de misvatting en onbegrip bij mensen die niet met Social Workers te maken krijgen. Advocaten helpen mensen die verdacht worden van een strafbaar feit, artsen helpen mensen die ziek zijn, maar wat is nou eigenlijk de taak van Social Workers? Social Workers kijken vanuit een preventieve werkwijze naar de hulpvraag en de aandacht die nodig is voor kwetsbare mensen. Voor mensen die er niks mee te maken hebben blijft het werk onzichtbaar, wat kan leiden tot onderschatting en onbegrip. Dit is ernstig, het ondermijnt de waarde van ons beroep en leidt tot zelfstigma (Movisie, z.d.).
Hoe beter wij Social Workers ons werk doen, hoe minder zichtbaar ons werk is. Hoe minder zichtbaar ons werk is, hoe meer onbegrip en misvattingen. Wanneer doen wij Social Workers het goed? Want als iets gebleken is, is dat er zonder zichtbaarheid geen waardering is.
Vandaag heb ik weer gewerkt bij de dagbesteding, werd ik weer om de hals gevlogen en kreeg ik te horen hoe erg ze me gemist hebben.
Vandaag heb ik weer gewerkt bij de dagbesteding, voelde ik voldoening, toen ik zag dat de cliënten met een grote glimlach de bus in stapten om naar huis te gaan.
Morgen krijg ik in de kroeg weer de vraag “Sociaal werk? Dat is toch alleen puzzelen en koffiedrinken?”
Overmorgen zie ik weer een filmpje op TikTok verschijnen waarin wij Social Workers “Red Flags” en “Softies” worden genoemd.
Maar elke dag weer bewijzen wij in de praktijk dat sociaal werk zoveel meer is dan puzzelen en koffiedrinken. Wij weten hoe het écht is en waar we het voor doen, dat is iets wat geen stereotype of stigma kan overtreffen.
Want maandagochtend word ik wakker, fiets ik naar de dagbesteding, word ik weer begroet met die stevige knuffel en is deze “softie” de opmerkingen en de TikToks van dit weekend voor een moment vergeten.
Mette Stoelhorst is tweedejaars student Social Work en werkzaam als stagiaire bij het ROC van Twente
Literatuurlijst
- Beroepsvereniging van Professionals in Sociaal Werk. (2021). Beroepscode voor professionals in sociaal werk. Geraadpleegd op 1 november 2025, van https://www.bpsw.nl/app/data/uploads/2021/10/BPSW-Beroepscode-2021.pdf
- Bruins, J. (2024, 23 april). Sociaalwerkopleidingen kunnen niet opleiden voor veertig beroepsvarianten. Sociale Vraagstukken. Geraadpleegd op 4 december 2025, van https://www.socialevraagstukken.nl/sociaalwerkopleidingen-kunnen-niet-opleiden-voor-veertig-beroepsvarianten/
- Movisie. (2025, 4 maart). De Grote Raadpleging van het Sociaal Werk 2025. Movisie. Geraadpleegd op 10 december 2025, van https://www.movisie.nl/publicatie/sociaal-werkers-anno-2023-beeld-beroepsgroep
- Movisie. (z.d.). De preventieve werking van sociaal werk. Movisie. Geraadpleegd op 2 november 2025, van https://www.movisie.nl/sites/movisie.nl/files/publication-attachment/preventieve-werking-sociaal-werk%20%5BMOV-12696845-1.0%5D.pdf
- Movisie. (2023, 23 mei). Sociaal werkers anno 2023: Beeld van de beroepsgroep. Movisie. Geraadpleegd op 1 november 2025, van https://www.movisie.nl/publicatie/sociaal-werkers-anno-2023-beeld-beroepsgroep
- Movisie. (2024). Werken aan professionalisering van sociaal werk. Movisie. Geraadpleegd op 1 november 2025, van https://www.movisie.nl/artikel/werken-aan-professionalisering-sociaal-werk
- Roose, R., & Trappenburg, M. (2024, 5 december). Het belang van wetenschappelijke kennis. MijnSociaalWerk. Geraadpleegd op 1 november 2025, van https://www.mijnsociaalwerk.nl/magazine-artikelen/het-belang-van-wetenschappelijke-kennis/
- Sieckelinck, S. (2025, 6 februari). Sociaal (jongeren)werkers en sociale media ‘onlife’ present zijn. MijnSociaalWerk. Geraadpleegd op 1 november 2025, van https://www.mijnsociaalwerk.nl/magazine-artikelen/sociaal-jongerenwerkers-en-sociale-media-onlife-present-zijn/
- Trimbos-instituut. (z.d.). Sociale media en identiteit. Expertisecentrum Digitalisering en Welzijn. Geraadpleegd op 31 oktober 2025, van https://www.trimbos.nl/kennis/digitale-media-gokken/expertisecentrum-digitalisering-en-welzijn/sociale-media-en-welzijn/sociale-media-identiteit/